Storing
Droger droogt niet goed
Duurt drogen steeds langer, of komt de was vochtig uit de trommel, dan zit het probleem bijna altijd in de luchtstroom. Met een stofzuiger en een kwartier los je het meestal zelf op.
Gepubliceerd op 30 oktober 2026 · Olly
Je droger draait, maakt geluid en wordt warm, maar na twee uur is de was nog klam. Of het programma dat vroeger anderhalf uur duurde, duurt nu drie uur. In bijna alle gevallen is de droger niet kapot. Een droger droogt door warme lucht door de trommel te blazen en het vocht eruit te halen. Raakt die luchtstroom ergens verstopt, dan droogt hij steeds slechter. Hieronder de vijf oorzaken, van vaak naar zelden.
Eerst: haal de stekker uit het stopcontact voor je een filter of de condensor schoonmaakt.
1. Het pluizenfilter
Het pluizenfilter zit in de deuropening of in de deur zelf. Maak het na elke droogbeurt schoon. Veel drogers hebben er twee filters in elkaar; maak ze allebei leeg. Een filter dat er schoon uitziet, kan toch dicht zitten met een vettig laagje van wasverzachter of droogdoekjes. Spoel het filter dan af onder de kraan met een zacht borsteltje en laat het goed drogen voor je het terugzet.
2. De condensor of warmtewisselaar
Bij een condens- of warmtepompdroger zit achter een klepje onderaan de voorkant een condensor: een blok met fijne lamellen waar de vochtige lucht langs stroomt. Daar komt pluis op terecht dat langs het filter is geglipt. Haal hem eruit (bij de meeste condensdrogers) of maak hem aan de voorkant schoon met een stofzuiger met borstelmondstuk (bij veel warmtepompdrogers). Buig de lamellen niet, want ze zijn dun en vervormen snel.
Heeft je droger een zelfreinigende condensor, dan spoelt hij dit blok zelf schoon met het condenswater. Dan hoef je er zelden iets aan te doen, maar een blik eens per jaar kan geen kwaad. In mijn lijst kun je filteren op drogers met zelfreinigende condensor.
3. De condenswaterbak
Het vocht uit je was komt in een bak, meestal bovenin achter een handgreep. Is die vol, dan stopt de droger of droogt hij niet verder. Leeg hem na elke droogbeurt. Heb je een afvoer in de buurt, sluit de droger dan aan op de afvoer met het slangetje dat meestal wordt meegeleverd; dan ben je er vanaf.
4. De belading en het programma
Een te volle trommel droogt slecht, omdat de lucht er niet meer tussen kan. Doe hooguit zoveel als het vulgewicht voor drogen aangeeft, en bij synthetisch hooguit de helft. Kies een programma op basis van vochtmeting, zoals "kastdroog", en niet een vaste tijd. Ook het centrifugeren telt. Was die met 1400 of 1600 toeren is gecentrifugeerd, droogt een stuk sneller dan was die er met 800 toeren uitkomt.
Staat de droger in een koude ruimte, zoals een schuur of zolder in de winter? Een warmtepompdroger werkt dan langzamer. De meeste fabrikanten noemen een ruimtetemperatuur waarbinnen de droger goed werkt; kijk in de handleiding.
5. De afvoerslang (alleen afvoerdrogers)
Heb je een afvoerdroger met een dikke slang naar buiten? Kijk dan of die slang niet geknikt of te lang is en of het rooster buiten niet dichtzit met pluis. Een afvoerslang van meer dan een paar meter of met veel bochten maakt drogen trager.
Is hij toch kapot?
Wordt de droger helemaal niet meer warm, terwijl de trommel wel draait? Dan is het verwarmingselement, de thermostaat of bij een warmtepompdroger de compressor stuk. Draait de trommel niet, dan is het vaak de aandrijfriem. Dat zijn klussen voor een monteur. Lees eerst repareren of vervangen; de vuistregel daar geldt ook voor drogers.